Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Keuzeruimte CW

Keuzeruimte CW

Algemene informatie over de keuzeruimte

In de bacheloropleiding Communicatiewetenschap is 30 EC keuzeruimte opgenomen. Deze vrij in te vullen keuzeruimte biedt je de mogelijkheid je studie te verbreden (of te verdiepen). Afhankelijk van je interesses en je studieplanning kun je je keuzeruimte op verschillende manieren invullen.

In de studiegids vind je een uitgebreide uitleg over (het vullen van) de keuzeruimte. Op deze pagina is de informatie uit de studiegids aangevuld met actuele, veelgestelde vragen en tips.

Keuzeruimte-informatie in studiegids

Mag ik keuzevakken volgen bij CW?

Het heeft de voorkeur de keuzeruimte in te vullen met vakken buiten de opleiding Communicatiewetenschap, zodat je kennis van een andere discipline opdoet. Mocht je je keuzeruimte deels willen invullen met keuzevakken Communicatiewetenschap, dan kan dit met extra Topics CW (mits je aan de ingangseisen voldoet). Het actuele aanbod vind je in de studiegids.

Wat is een minor precies?

Een minor is een samenhangend programma van keuzevakken dat je volgt binnen een vakgebied. Na afronding van je minor ontvang je een certificaat. Ook wordt een minor apart vermeld op je cijferlijst in het diplomasupplement.

Meestal mag je pas een minor starten na afronding van je eerstejaarsvakken (60 ec). In de studiegids en op www.uva.nl/minor vind je een lijst van minoren. Heb je een minor uitgekozen, meld je dan aan voor de minor via het online formulier in de studiegids én voor de afzonderlijke vakken tijdens de vakaanmelding.

Volg je een minor aan de UvA dan hoef je hiervoor geen goedkeuring van de Examencommissie CW te vragen. Als je je goed hebt aangemeld (dus voor de minor én de afzondelrijke vakken) en je toegelaten bent tot de minor door het organiserend instituut, wordt de minor vanzelf in jouw studieplan opgenomen. Als je een minor buiten de UvA wilt volgen dan moet de examencommissie CW dit wel eerst goedkeuren. Deze goedkeuring kun je online aanvragen met een verzoekschrift in SiS (zie link hieronder voor instructies).

Wat is beter: losse keuzevakken of een minor?

Je bent vrij in je keuze voor losse keuzevakken of een minor. We horen vaak dat studenten het gevoel hebben dat het beter is om voor het een of het ander te kiezen. Dit is niet waar. Er zitten voor- en nadelen aan beide keuzes. Deze zijn hier uiteengezet.

Losse keuzevakken
Bij het kiezen voor losse keuzevakken, heb je de mogelijkheid om vakken uit allerlei disciplines te kiezen. Je leert zo dus interdisciplinair studeren en dat is één van de doelen van deze vrije keuzeruimte. Je ontwikkelt je in de breedte en maakt kennis met verschillende invalshoeken. Losse keuzevakken passen bovendien vaak beter in de studieplanning. Een nadeel is wel dat het soms ook iets meer uitzoekwerk vergt als je bij verschillende opleidingen losse vakken wilt volgen. Je moet namelijk bij elke opleiding kijken hoe en wanneer je je moet inschrijven en je moet per keuzevak goedkeuring aanvragen. Een voordeel is weer dat je de vrijheid hebt om allemaal vakken te kiezen die op jouw interesse aansluiten.

Een minor
Bij het kiezen voor een minor ga je vaak iets meer de diepte in binnen één thema. Als jij precies weet welke kant jij met Communicatiewetenschap op wilt, kun je voor een minor kiezen die hier goed op aansluit. Een minor kan soms ook gebruikt worden om te schakelen naar een andere master. Als jij dus nu al weet dat jij een andere master wilt volgen, kan dit een voordeel zijn. Verder is het vaak makkelijker om een minor te kiezen dan losse keuzevakken, want een minor wordt als een pakket aangeboden. Sommige minors zijn flexibel in te plannen, maar bij veel minors is dit niet het geval en zit je vast aan een planning die door een andere opleiding is vastgesteld. Dit is een groot nadeel want deze planning sluit niet altijd goed aan op de planning bij Communicatiewetenschap. Je moet de studieplanning bij Communicatiewetenschap dus aanpassen en dit kan leiden tot studievertraging. Dit is natuurlijk niet wenselijk. Hoewel je dus vrij bent in het kiezen van een minor, raden wij je aan om dit alleen te doen als dit binnen de studieplanning past zonder vertraging.

De minorvakken zijn verdeeld over meerdere semesters, wat moet ik doen?

Een nadeel van een minor is soms dat de vakken die je hiervoor volgt, verspreid zijn over meerdere semesters. Dit betekent dus dat je moet schuiven in de studieplanning en dat kan tot studievertraging leiden.

Het kiezen voor losse keuzevakken komt dus vaak beter uit met je studieplanning. Als je toch een minor wilt volgen, omdat je bijvoorbeeld hiermee kunt doorstromen naar een andere master, houd er dan rekening mee dat je een goede studieplanning opstelt waarbij je vertraging voorkomt. Je kunt bij de studieadviseur eventueel advies inwinnen over jouw studieplanning.

Ik voldoe niet aan de ingangseis van de minor/ het keuzevak, wat kan ik doen?

Helaas gaan wij niet over de toelating en ingangseisen van vakken en minoren bij andere opleidingen. Je moet dus bij hen navragen of het mogelijk om toegelaten te worden als je niet aan de ingangseis voldoet. Stel daarnaast een alternatieve studieplanning op, want de kans is groot dat je niet kunt deelnemen en dus voor een alternatief moet kiezen.

Hoe bepaal ik op welk niveau een keuzevak is?

Let op: je mag maximaal 12 EC op eerstejaars- of vaardighedenniveau volgen en de vakken mogen inhoudelijk niet overlappen met elkaar en de verplichte vakken van CW.

Er zijn verschillende manieren om het niveau van een vak te beoordelen. Hier zijn de manieren beschreven.

Kijk naar de ingangseisen
In de regel geldt dat een keuzevak waarvoor de ingangseis een propedeuse of positief BSA is, een vak op vervolgfaseniveau is. Er worden echter ook vakken aangeboden op vervolgfaseniveau zonder ingangseis. Als je twijfelt, kun je dit altijd bij het instituut waar het keuzevak wordt aangeboden navragen. Bij het indienen van een verzoekschrift, geeft de examencommissie ook aan op welk niveau het vak wordt goedgekeurd.

Kijk naar het studiegidsnummer
Binnen de UvA kun je een vak op niveau 1 herkennen door het vierde cijfer in het 'studiegidsnummer'. Bij een eerstejaarsvak is dat een 1. Deze regel geldt niet voor een minor binnen de UvA die meer studiepunten op eerstejaarsniveau bevat.

Kijk of het vak staat opgenomen in het studieschema
Daarnaast kun je ook kijken of het vak in het bachelorprogramma van de opleiding waar het wordt aangeboden staat opgenomen. Als het een eerstejaarsvak is, dan is het dus een vak op eerstejaarsniveau. Als het een vak is dat in het tweede of derde jaar wordt aangeboden, is het een vak op vervolgfaseniveau.

Beoordeel of het een vaardighedenvak is
Sommige vakken op vervolgfaseniveau zijn gericht op het leren van vaardigheden (bijvoorbeeld taalvaardigheden of journalistieke vaardigheden). Deze vakken kunnen dus gewaardeerd worden op vaardighedenniveau, ook als het een vak is dat in de vervolgfase wordt aangeboden. Lees dus goed de omschrijving van het vak om in te schatten of het een vaardighedenvak is.

Kom je er echt niet uit?
Win dan advies in bij de studieadviseur.

Veel gekozen keuzevakken en hun niveau op een rij