Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!

Uit de vervolg-surveys van de UvA Crisismonitor, die de afgelopen weken zijn afgenomen, komt op de meeste punten een vergelijkbaar beeld naar voren als in als de eerste survey. De impact van de maatregelen aan de UvA vanwege de coronacrisis op het welzijn van studenten en medewerkers is nog altijd groot.

Na de eerste survey (nulmeting) onder alle studenten en medewerkers van de UvA, medio april, zijn er vier vervolgafnames geweest: iedere medewerker en student is voor één van die vervolgafnames uitgenodigd om deel te nemen. De respons van de vervolgmetingen was redelijk goed en vrij stabiel: per keer reageerden tussen de 500 en 600 medewerkers en tussen de 800 en 1000 studenten.

De nieuwe uitkomsten zijn op de meeste punten vergelijkbaar met die van de eerste meting. Bijna de helft van de studenten en de medewerkers maakt zich sterke tot zeer sterke zorgen door de coronacrisis. Daarnaast maken veel studenten zich zorgen over hun studievoortgang en ervaren zij een hogere studiedruk. Een groot deel van de medewerkers geeft aan nog steeds meer werkdruk te hebben dan in de periode voor corona.

Verschillen

Er zijn ook verschillen te zien. Zo tekent zich een afname af in de mate waarin medewerkers en studenten de communicatie vanuit de UvA als duidelijk ervaren. Zowel studenten als medewerkers geven aan behoefte te hebben aan informatie over komend studiejaar en het perspectief voor de nabije toekomst. Studenten zeggen daarnaast informatie over tentamens (planning en uitvoering) te missen. Een ander punt, dat zowel studenten als medewerkers noemen, is de onregelmatigheid in het verschijnen van communicatie-updates en het niet altijd eenduidig zijn van informatie die centraal en decentraal wordt verstrekt.

Onder studenten neemt de tevredenheid over online onderwijs ook iets af. Mogelijke oorzaken die worden genoemd zijn technische problemen (met internet, VPN of Zoom). Daarnaast worden ook problemen genoemd met proctoring van tentamens.

In reactie laat het College van Bestuur weten het signaal over heldere communicatie en de informatiebehoefte te begrijpen en daar op te zullen blijven letten. Tegelijkertijd was en is er helaas nog steeds veel onduidelijk. Op de persconferentie van 19 mei gaf het kabinet aan welke ruimte er voor de universiteiten is om vanaf 15 juni het onderwijs en onderzoek op locatie te hervatten. Die ruimte is vooralsnog erg beperkt: kleinschalige onderwijsactiviteiten mogen alleen beginnen en eindigen tussen 11.00 en 15.00 uur of na 20.00 uur en ook onderzoeksactiviteiten zijn slechts beperkt toegestaan. Zeker voor de periode vanaf 1 september vindt het College de geboden ruimte onvoldoende. Er kan slimmer geanticipeerd worden op de (on)mogelijkheden van het openbaar vervoer. Gesprekken hierover worden momenteel gevoerd, landelijk en in de regio. Hoe het onderwijs en onderzoek er na de zomer precies uit zal zien, is nu echter nog onzeker. Met de decanen is afgesproken dat alle opleidingen in ieder geval uiterlijk 1 juli laten weten hoe het onderwijs in het eerste semester georganiseerd zal zijn. Welke onderdelen zijn online en welke op de campus?

De uitkomsten van de Crisismonitor, zoals de feedback op de informatievoorziening en met betrekking tot de technische aspecten van online onderwijs, helpen de UvA om beleid te maken en aanpassingen te kunnen doen in de uitvoering ervan.